# Gereedschap

Werktuigen en huisraad uit Gods Woord: wat ze zijn, hoe ze werden gebruikt en waar ze voorkomen. De vertaling blijft staan zoals ze is; hier staat ernaast wat een juk, een wan of een weversboom is.

Bron: https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/

- [Baktrog](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/baktrog.html): De baktrog is de kom of trog waarin het deeg wordt gekneed en rijst. In Exodus 8 komen de kikkers tot in de baktroggen, en in de zegen en de vloek van Deuteronomium 28 staat de baktrog naast de korf: gezegend of vervloekt is uw korf en uw baktrog — alles wat binnenkomt en alles wat op tafel komt.
- [Bijl, houweel en spade](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/bijl.html): Het handgereedschap van bos en akker. De bijl velt bomen en wordt in Jesaja 10 de bijl die zich beroemt tegen wie ermee houwt; het houweel hakt de doornen van de berghellingen; de spade steekt de grond om. In 1 Samuel 13 staan ze op een rij: voor het scherpen van ploegijzer, spade, bijl en houweel moest heel Israël naar de Filistijnen.
- [Dorswagen en dorsslede](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/dorsslede.html): Een dorswagen of dorsslede is een zware houten plank met stenen of ijzeren punten aan de onderkant, die over het uitgespreide graan wordt getrokken om de korrels uit de aren te wrijven. Jesaja 28:27 legt uit dat niet alles zo gedorst wordt: wikken en komijn worden met een staf uitgeslagen, want die zouden onder de wagen stukgaan. In 2 Samuel 12:31 en Amos 1:3 is het dorsen met ijzeren dorswagens een beeld van meedogenloos geweld.
- [Gaffel of vork](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/gaffel.html): De drietandige vork hoort bij het altaar: daarmee haalde de priester zijn deel uit de pot. In 1 Samuel 2 wordt juist dat gereedschap het teken van het bederf bij de zonen van Eli, die de vork in de ketel staken voordat het vet was aangestoken. In 1 Samuel 13 staat de vork bij het boerengereedschap dat geslepen moest worden.
- [Handmolen en molensteen](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/handmolen.html): Het dagelijkse brood begon met malen: twee ronde stenen, een liggende en een draaiende, waartussen het graan werd fijngewreven. Daarom mocht niemand een handmolen of de bovenste steen in pand nemen — Deuteronomium 24:6 noemt dat het leven zelf in pand nemen. Het zwaarste stuk, de molensteen die door een ezel werd rondgetrokken, komt terug in het woord van Jezus over wie een kleine tot zonde verleidt.
- [Juk en disselboom](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/juk.html): Het juk is het houten dwarshout dat twee trekdieren aan elkaar koppelt; de disselbomen zijn de bomen die van het juk naar de ploeg of de wagen lopen en de trekkracht doorgeven. Ze verbreken betekent daarom: het span uit elkaar halen, zodat er niet meer getrokken kan worden. Zo staat het in Leviticus 26:13 en Ezechiël 34:27 — God verbreekt de disselbomen van het juk en laat zijn volk rechtop staan. Buiten de landbouw is het juk het beeld van dienstbaarheid: het harde juk van Rehabeam, het juk van Babel dat Jeremia op zijn hals draagt, en het zachte juk van Christus.
- [Kruik](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/kruik.html): De aarden kruik draagt water, olie en meel. Ze staat aan het begin van de ontmoeting bij de put, ze raakt bij de weduwe van Zarfath niet leeg, en Gideons driehonderd man breken hun kruiken stuk zodat de fakkels ineens branden. Omdat ze breekbaar is, is de gebroken kruik in Prediker en Jeremia het beeld van een leven en een volk die niet te lijmen zijn.
- [Pijlkoker](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/pijlkoker.html): De koker draagt de pijlen op de rug of aan de zij. Izak stuurt Ezau eropuit met pijlkoker en boog, en de profeten maken er een beeld van: een open pijlkoker als een open graf, en Gods knecht die als een uitgelezen pijl in de koker verborgen wordt gehouden.
- [Ploeg en ploegijzer](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/ploeg.html): De ploeg van Gods Woord is een haakploeg: een enkele houten balk met een ijzeren punt, het ploegijzer, die door twee ossen wordt getrokken en de grond openkrabt in plaats van hem om te keren. Het ploegijzer is het enige ijzeren deel, en juist daarom moesten de Israëlieten er in 1 Samuel 13 voor naar de Filistijnen: die hielden de smeden in handen. Omdat de ploeger vooruit moet kijken om zijn voor recht te houden, zegt Jezus dat wie de hand aan de ploeg slaat en omziet niet bekwaam is tot het Koninkrijk.
- [Priem of els](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/priem.html): De els of priem is de scherpe pen van de leerbewerker. Hij komt maar twee keer voor, en beide keren bij dezelfde wet: de slaaf die uit liefde voor zijn heer niet vrij wil uitgaan, laat zijn oor aan de deurpost doorboren (Exodus 21:6, Deuteronomium 15:17). Het gaatje in het oor is daarna zijn levenslange teken.
- [Schrijfstift en inktkoker](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/schrijfstift.html): Wie schreef, droeg zijn gereedschap bij zich: de griffie of schrijfstift om in was, klei of steen te kerven, en de inktkoker aan de gordel voor het schrijven op perkament. In Ezechiël 9 draagt de man in linnen een schrijvers-inktkoker aan zijn lendenen en tekent hij de voorhoofden van wie zuchten over de gruwelen.
- [Sikkel (snijgereedschap)](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/sikkel.html): De sikkel is het gebogen snijmes van de oogst: hij wordt in het staande koren geslagen zodra de halmen rijp zijn. Deuteronomium 23:25 staat toe dat een voorbijganger aren plukt met de hand, maar niet dat hij de sikkel in het koren van zijn naaste slaat. Joël 3:13 en Openbaring 14 maken van dat slaan het beeld van het laatste oordeel, en Jesaja 2:4 laat spiesen tot sikkelen omsmeden.
- [Slinger](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/slinger.html): De slinger is een lap leer met twee koorden waarin een gladde steen wordt rondgeslingerd en losgelaten. Het is het wapen van de herder tegen roofdieren en van de lichte infanterie: Richteren 20 kent zevenhonderd Benjaminieten die op een haarbreed mikken zonder te missen, en David kiest vijf gladde stenen uit de beek.
- [Snuiters en blusvaten](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/snuiters.html): Bij de gouden kandelaar hoort klein gereedschap: de snuiters — een soort tang — om de verkoolde pit af te knijpen, en de blusvaten om die gloeiende stukjes in te doven. Ze worden in Exodus en 1 Koningen uitdrukkelijk van louter goud gemaakt: ook het nederigste stuk bij het licht in het heiligdom is van hetzelfde metaal.
- [Spinrok en spil](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/spinrok.html): Het spinnen gebeurt met twee stukken hout. De spinrok is de stok waaraan de bos ongesponnen wol of vlas is gebonden; de spil is het draaiende houtje dat de draad uittrekt en opwindt. In Spreuken 31:19 heeft de deugdelijke huisvrouw het ene in haar hand en het andere aan haar handpalm — twee handelingen tegelijk, en daarmee een beeld van haar werkzaamheid.
- [Wan en werpschoffel](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/wan.html): Na het dorsen wordt het graan gewand: met een wan of werpschoffel — een brede houten schop — gooit de boer het mengsel van korrels en kaf tegen de avondwind in. De zware korrel valt terug op de dorsvloer, het lichte kaf waait weg. Daarom is wannen in de profeten en bij Johannes de Doper het beeld van schifting: JAHWEH want zijn volk in de poorten van het land, en de wan is in de hand van Hem die koren en kaf uit elkaar houdt.
- [Weegschaal en weegsteen](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/weegschaal.html): Er werd niet geteld maar gewogen: een balans met twee schalen en een stel stenen van bekend gewicht. Daarom gaat de wet niet over valse munten maar over valse stenen — tweeerlei weegstenen in de zak, een grote om te kopen en een kleine om te verkopen. De profeten noemen dat bedrog bij naam, en Daniël 5 weegt een koning in de weegschaal en vindt hem te licht.
- [Weversboom](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/weversboom.html): De weversboom is de zware balk van het weefgetouw waar het geweven doek omheen wordt gerold. Hij komt in Gods Woord alleen voor als maat van iets ontzagwekkends: de schacht van Goliaths spies was als een weversboom, en die van drie andere reuzen wordt er net zo mee vergeleken.
- [Wijnpers en perskuip](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/wijnpers.html): De wijnpers is een uitgehakte bak in de rots waar de druiven met blote voeten worden getreden; het sap loopt door een geul naar de lager gelegen perskuip. Wie perst, staat tot zijn enkels in het rood — vandaar dat het treden van de pers in Jesaja 63 en Openbaring het beeld van het oordeel is, en het overlopen van de perskuipen in Joël juist het beeld van overvloed.
- [Zaag](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/zaag.html): De zaag is in Gods Woord steen- en timmergereedschap: de kostelijke stenen van Salomo's bouwwerken waren binnen en buiten met de zaag gezaagd. In 2 Samuel 12:31 en 1 Kronieken 20:3 staat hij in de rij werktuigen waaronder de overwonnen Ammonieten werden gesteld.
- [Zeef](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/zift.html): De zeef scheidt wat door de mazen valt van wat blijft liggen. Amos 9:9 gebruikt hem voor het schudden van Israël onder de volken, waarbij geen korrel op de aarde valt, en in Lukas 22:31 vraagt de satan om Petrus te mogen ziften als de tarwe.
- [Zeel](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/zeel.html): Een zeel is een touw of riem. De tabernakel staat met pennen en zelen overeind, en Jeremia klaagt dat al zijn zelen gebroken zijn zodat zijn tent niet meer staat. In Jeremia 38 laten ze hem met zelen in de kuil zakken en trekken ze hem er met dezelfde zelen weer uit.
- [Zegelring](https://opengodsword.com/naslag/gereedschap/zegelring.html): De zegelring draagt het persoonlijke merk van de eigenaar; ermee in klei of was drukken is ondertekenen. Juda geeft zijn zegelring als onderpand aan Thamar, Farao schuift die van zijn hand aan Jozef, en Ahasveros doet hetzelfde bij Haman en later bij Mordechai: wie de ring heeft, tekent namens de koning. Haggai 2:24 maakt Zerubbabel tot zegelring — even onmisbaar en even dicht bij de hand.
